Reeds voor de Eerste Wereldoorlog werd in het Limburgse Neerpelt vriendschappelijk gevoetbald. Zo speelde er een ploeg met de naam Speranza. In die periode ontstond ook in de wijk Boseind een ploeg met de naam “De Boschvlinders”, die vriendschappelijke wedstrijden speelde. In 1921 groeide hieruit een nieuwe ploeg, FC Traplust dat zich in 1927 aansloot bij de Belgische Voetbalbond onder stamnummer 906. Men nam al gauw het initiatief om een nieuwe club op te richten, onder impuls van enkele oud-spelers van Traplust. Deze nieuwe club kreeg de naam Esperanza Neerpelt en ging op het Boseind spelen op de vroegere terreinen van het verdwenen FC Traplust. In de zomer van 1937 sloot men zich aan bij de Belgische Voetbalbond en kreeg er stamnummer 2529. Men ging van start in de gewestelijke reeksen.

Esperanza was er al gauw bij de beteren tijdens W.O.II want in 1943 haalde men de titel in Tweede Gewestelijke A, maar slaagde er niet in via de eindronde promotie af te dwingen. De club startte ook met een jeugdwerking. In 1944 werd men weer kampioen en na succes in de eindronde promoveerde men nu naar Tweede Provinciale, toen het hoogste provinciale niveau in Limburg. Ook daar deed Esperanza het verre van slecht. In 1947 kreeg de club een nieuw terrein dat in 1950 de naam Gerrit Vanderlooystadion kreeg, een eerbetoon aan een verongelukte trouwe supporter. In 1952 behaalde Neerpelt alweer de titel. Voor het eerst promoveerde de club naar de nationale bevorderingsreeksen, die sinds 1952 de nieuwe Vierde Klasse zou vormen. Esperanza kende een goed eerste seizoen en eindigde in de middenmoot van die reeks, waar ook het naburige Lommelse SK speelde. In de Beker van België behaalde men een wedstrijd tegen topclub Daring Club Brussel. Er kwamen 5000 toeschouwers naar de thuiswedstrijd, die met 2-3 werd verloren. In 1952 kreeg men in Vierde Klasse ook het gezelschap van de buren VV Overpelt-Fabriek. Het tweede seizoen in Vierde Klasse deed Neerpelt het nog beter en men eindigde als tweede, amper één puntje na reekswinnaar RFC Bressoux. Een 2-0 nederlaag tegen KV Aarschot Sport in de slotwedstrijd had de titel en de bijhorende promotie gekost. De volgende jaren kon Esperanza deze prestatie niet meer herhalen. Men eindigde meestal in de middenmoot en enkele keren net boven de degradatiezone. In het seizoen 1957-’58 koos men rood en wit als nieuwe clubkleuren. Men kende een moeilijk seizoen, maar won toch de gouden wimpel, een trofee van de Voetbalbond voor de ploeg met de grootste score in de nationale reeksen. Esperanza had namelijk met 7-1 gewonnen tegen SRU Verviers. Een jaar later keerde de club terug naar de oude zwart-witte kleuren. In 1960 strandde Esperanza uiteindelijk op de laatste plaats. Na acht jaar nationaal voetbal zakte men zo weer naar de Limburgse Eerste Provinciale. In 1962, na twee jaar in Eerste Provinciale, zakte Neerpelt zelfs nog verder naar Tweede Provinciale. Dankzij een titel keerde men al na een jaar terug op het hoogste provinciale niveau tot men er in 1968 opnieuw degradeerde. Het terrein van de club moest verdwijnen en men vond nieuwe grond op de Bemmert. Neerpelt bleef de volgende jaren in Tweede Provinciale, maar na een 14de plaats in 1976 degradeerde men verder naar Derde Provinciale. Na de gemeentelijke fusies waren er nu vier Neerpeltse clubs in de provinciale reeksen: Esperanza, Sparta Lille, Sporting Grote-Heide Neerpelt en SV Herkol Neerpelt. Vanaf 1978 richtte men dan ook een vriendschappelijk “fusietoernooi” in met deze clubs. In 1983 eindigde Esperanza als tweede in zijn reeks, maar mocht nog naar een eindronde die men succesvol afsloot en keerde zo na zeven jaar terug naar Tweede Provinciale. Het aantal jeugdploegen van Esperanza was de voorbije jaren wel geminderd door de concurrentie van de andere voetbalclubs uit Neerpelt, maar de jeugd trok vooral ook naar handbalclub Sporting Neerpelt, dat in die periode meermaals landskampioen werd. Het eerste seizoen van de terugkeer in Tweede Provinciale verliep niet goed. Men werd laatste en zakte meteen weer naar Derde in 1984 en een jaar later volgde ook daar meteen degradatie. Vanaf 1985 speelde de club zo in Vierde Provinciale, het allerlaagste niveau. In 1987 werd de club bij het 50-jaar bestaan koninklijk. De bouw van het nieuwe sportpark “De Roosen” begon waar men eind 1989 definitief naar verhuisde. In 1991 werd men kampioen en zo raakte men na zes seizoenen uiteindelijk weg uit Vierde Provinciale. Men ging door op dit elan en haalde het volgende seizoen meteen een eindronde in Derde Provinciale. Esperanza kende succes in de eindronde en stootte zo in 1992 meteen weer door naar Tweede Provinciale. In 1996 werd men ook daar kampioen en zo keerde men na bijna drie decennia terug op het hoogste provinciale niveau waar men zich nu wel kon redden. In 2002 volgde nog even een terugval, maar al gauw was men terug op het hoogste niveau. In 2008 dwong men een plaats af in de interprovinciale eindrondes. Neerpelt won er en mocht zo na bijna een halve eeuw provinciaal voetbal terug in de nationale reeksen. Het nieuwe verblijf in Vierde Klasse verliep moeizaam. Op het einde van het eerste seizoen 2008-’09 moest Neerpelt in een eindronde de plaats in Vierde proberen veilig stellen, wat uiteindelijk lukte. Een seizoen later strandde men echter op een degradatieplaats, en zo zakte de club in 2010 na twee jaar opnieuw naar Eerste Provinciale. De club wou echter snel terug hogerop met speler-trainer Stijn Vreven. In de heenronde walste Esperanza over iedereen heen, maar tijdens de terugronde sputterde de motor. Enkele gelijke spelen zorgden ervoor dat concurrenten RC Hades en Zonhoven VV dichterbij kwamen. Op de 22ste speeldag werd er pas voor de eerste maal verloren (1-0 in RC Hades). Drie speeldagen voor het einde kon Esperanza toch het kampioenschap beslissen na een 1-2-overwinning op het veld van achtervolger Zonhoven VV en keerde zo in 2011 terug naar de nationale reeksen. Bij de terugkeer in Vierde Klasse kende Esperanza Neerpelt meteen een goed seizoen. In de Beker van België schakelde men Derdeklasser Olympic Charleroi en Tweedeklasser Eendracht Aalst uit, om uiteindelijk in de vijfde ronde met 2-0 te verliezen tegen Tweedeklasser Lommel United. In de competitie won men de eerste en tweede periodetitel, maar na een moeilijker seizoensslot eindigde men uiteindelijk op een tweede plaats. In de eindronde werd men na verlengingen uitgeschakeld door het Oost-Vlaamse SK Terjoden-Welle. De volgende seizoenen eindigde men net onder de subtop.

In het voorjaar van 2014 besloot men een fusie aan te gaan met het naburige Overpeltse VV, dat bij de KBVB was aangesloten met stamnummer 2082 en op dat moment actief in dezelfde Vierde Klasse als Neerpelt. De fusieclub ging FC Esperanza Pelt heten en in Neerpelt verder spelen. Men zou het stamnummer 2529 van Neerpelt behouden, tenzij Overpelt op het eind van het seizoen via de eindronde toch promotie zou afdwingen. Zowel Neerpelt als Overpelt haalden op het eind van het seizoen een plaats in de eindronde, maar geen van beide wist er promotie af te dwingen. De fusieclub speelde zo met het stamnummer 2529 verder in Vierde Klasse.

Bron: LimoWreck

PS: Foto’s van deze “Verdwenen Club” zijn welkom via vergane-voetbal-glorie@telenet.be