Frans Laurent Demol, geboren in het Vlaams-Brabantse Beersel op 19 augustus 1895 sloot zich op 12-jarige leeftijd aan bij Union Saint-Gilloise waar hij de jeugdreeksen doorliep. In 1914 debuteerde hij als linksachter in het eerste elftal en won in zijn eerste seizoen de Beker van België. Op dat moment brak de Eerste Wereldoorlog uit en de competitie werd stilgelegd tot in 1919. Na de oorlog werd Demol met Union landskampioen in 1923. Hij bleef er tot in 1927 en speelde in totaal 176 wedstrijden waarin hij 19 maal scoorde. In 1920 verdween hij plots naar AEC Mons in Tweede Klasse. Na de eerste speeldag, waar hij op strafschop scoorde, speelde hij er al niet meer mee. Blijkbaar werd de transfer niet goedgekeurd en moest hij wachten op het nieuwe jaar om vervolgens in de terugronde terug bij Union SG aan te sluiten.

In 1924 werd Demol voor het eerst geselecteerd voor het Belgisch voetbalelftal waarmee hij 19 wedstrijden speelde tussen 1924 en 1927. Hij zat in de selectie van de ploeg die op de Olympische Zomerspelen 1924 in Parijs actief was maar hij speelde er geen wedstrijden.

In 1927 trok hij als trainer naar RC Tienen dat op dat moment actief was in Derde Klasse. In 1931 werd de promotie naar Tweede Klasse gevierd. In 1944 werd Demol bondscoach van de Rode Duivels. Hij zat tijdens acht wedstrijden op de trainersbank maar kon er geen grote successen oogsten. In 1946 trok Demol terug naar RC Tienen en was er nog één seizoen trainer.

Frans Demol stierf op 14 februari 1966 in Vorst op 70-jarige leeftijd.

Bron: Sonuwe 

Foto: Soccernostalgia